37. De Helvetii

Titel in originele taal: Les Helvètes
ISBN-nummer: 978-9030-37450-3
Eerste druk: December 2019
Uitgeverij: Uitgeverij Casterman
Tekenaar: Marc Jailloux
Scenarist: Mathieu Bréda

Jaren geleden heeft Caesar het gebied van de Helvetii veroverd. Het gebied moest een buffer vormen tegen Germaanse invallen in het Rijk. Toen hij het Helvetische volk versloeg liet hij hen de trouw aan Rome zweren. Omdat er opnieuw onrusten in het gebied zijn wil Caesar er Romeinse nederzettingen bouwen. Hij rekent hiervoor op zijn goede vriend Munatius Plancus die reeds houtbewerkers naar het gebied heeft gezonden om de eerste voorbereidingen te treffen. Caesar beseft echter dat er meer nodig is om het gebied te beschermen en vraagt Alex om hulp. Alex zal gezien zijn afkomst een ideale gezant zijn en mag een goudschat naar de Helvetii brengen om die aan hun Goden te offeren. Een daad die het nodige respect zal opleveren en de trouw aan Rome zal versterken.

De reis zal bewogen zijn en daarom krijgt Alex hulp van Audania, een mooie Keltische vrouw en de dochter van Caesars overleden vriend Diviciacos. Diviciacos was een Druïde en verkozen leider van de Aedui. Hij was Rome gunstig gezind en had een grote invloed in zijn regio. Haar achtergrond zal zeker van pas komen tijdens het uitvoeren van zijn opdracht. De volgende ochtend vertrekken Alex, Enak en Audania in karavaan naar het land van de Helvetii. Caesar maakt de opdracht echter nog wat moeilijker wanneer hij Plancus zoon Lucius aanstelt als observator. De verwaande jonge kerel zal Alex zeker nog in problemen brengen.

De tocht verloopt zonder problemen en Volentus, die de leiding had over de karavaan kan zijn gevolg dan ook ongehavend Helvetica binnen leiden. Weldra is het einddoel in zicht maar eerst slaan ze een kamp op. De sfeer is goed en de volgende ochtend nodigt Lucius de mooie Audania zelfs uit voor een ritje met de paarden. Het koppel heeft plezier tot de jongeling zich wil vergrijpen aan Audania. Net als hij wil toeslaan wordt hij echter tegengehouden door een Helvetische ruiter die een speer tussen hen in werpt. De jonge Lucius zou het wel eens met zijn leven kunnen bekomen maar Alex komt toevallig aangereden en kan de Helveet op andere gedachten brengen. De ruiter stelt zich voor als Camilos, zoon van Scotio van Aventicum en vriend van Munatius Plancus. Hij was gevraagd om onze vrienden tegemoet te rijden om ze te beschermen. Dat is zeker nodig wat hij weet ze te vertellen dat de schrijnwerkers die Plancus naar het gebied had gezonden vermoord werden teruggevonden. Lucius heeft er geen boodschap aan en verdwijnt na zijn laffe daad met enkele slaven uit het konvooi dat verder trekt naar Aventicum. Alex en zijn gevolg beseffen niet dat Lucius hen volgt en er een eigen agenda op na houdt.

De volgende dag maakt Alex kennis met Scotio die prompt een banket organiseert ten hunne eer. Alex is verbluft wanneer hij ziet hoe Romeins het er aan toe gaat en het veest verloopt voorspoedig maar dan klinkt er een luide stem die de sfeer doet omslaan. Het is de stem van Senaca, nicht van Audania en Keltisch aristocrate. Zij is tegen het bondgenootschap met de Romeinen en beschouwt alle Helvetii die met de Romeinen verbroederen als verraders. Haar stem is gevaarlijk gezien ze heel wat invloed in de regio heeft. Ze kwam om haar nicht aan haar zijde te scharen maar wanneer deze weigert verdwijnt ze even snel dat ze kwam opdagen. Er wordt niet meer over nagedacht en het feest gaat verder tot in de vroege uurtjes waarna Alex en zijn gezellen bespreken hoe en waar ze hun goudschat zullen offeren aan de Helvetische Goden. Maar voor ze de ceremonie kunnen starten moeten alle stamhoofden aanwezig zijn want anders schiet het offer haar doel voorbij. Ze moeten immers de steun krijgen van alle stamhoofden willen ze de trouw aan Rome verzekeren. Daarom begint Alex aan een trektocht om sommige stamhoofden persoonlijk uit te nodigen en ze reeds een klein deel van de schat aan te bieden als persoonlijk offer. Terwijl ze van kamp naar kamp trekken krijgen ze te maken met Kelten die op zoek zijn naar Lucius. De jonge knaap is hen door de vingers geglipt en ze vragen zich af in welk wespennest de jongeling zich nu weer heeft gestoken.

Ze trekken verder naar het laatste dorp van hun tocht. Hij Carerdo, het stamhoofd zal hij weinig tegenstand ondervinden maar wanneer beide mannen wandelen in het nachtlicht zien ze een brand in een nabijgelegen dorp. Het is duidelijk dat de Germanen hun land zijn binnengedrongen en ze moeten kost wat kost hun gebied beschermen. Alex is onmiddellijk geroepen om zijn nieuwe vriend bij te staan tegen de agressor. Dagen achtervolgen ze de Germanen maar ze kunnen ze niet inhalen. Ze blijven de sporen volgen tot Alex vanaf de rand van het bos wordt aangeroepen. Het is de jonge Lucius. Hij was tijdens zijn tocht gewond geraakt aan het hoofd en werd opgevangen door boeren die hem naar Carerdo brachten. De voorzienigheid had ervoor gezorgd dat ze niet alleen het pad van Alex kruisten maar ook dat ze de gesprekken van de Germanen hebben kunnen opvangen. Zo wisten ze dat Aventicum, het dorp van Camilos, het ware doel is van de Germanen. Ze geven hun paarden de sporen in de hoop het dorp te bereiken voor de aankomst van de Germanen. Gedreven door de angst rijden ze onvermoeibaar door en laten onderweg krijgers bij hun aansluiten. Helaas komen ze te laat. Wanneer ze over de heuvelrug trekken zien ze de vlammen opstijgen uit het dorp. De Germanen zijn reeds weg met het goud en in de villa van Scotio vinden ze de man zwaargewond terug. Nadat ze de man de nodige verzorging hebben gegeven wordt de achtervolging ingezet en al snel hebben ze de Germanen ingehaald. Na een korte maar hevige strijd is het pleit snel beslecht in het nadeel van de Germanen. Helaas gaat in het strijdgewoel een deel van de goudschat verloren. Daardoor ziet Senaca haar kans schoon om tijdens de plechtigheid van het offerfeest haar slag te slaan.

Tijdens de ceremonie onderbreekt ze Alex in zijn offerrede. Zij stelt dat Alex met lege handen is gekomen. Maar Alex had het voorzien en biedt zijn prachtig paard aan als offer. De Kelten vinden zijn geschenk waardig genoeg en wanneer ze haar confronteren met de woorden van één van haar handlangers is haar spel uitgespeeld. Onder druk van de aanwezigen deinst ze achteruit maar struikelt en valt achterover in een brandende greppel. Hier kan geen hulp meer baten. Met dit ultieme offer lijkt de band tussen de Kelten en de Romeinen voorgoed gesloten en Alex kan met opgeheven hoofd terug naar Rome om het goede nieuws aan Caesar te melden.