Titel (NL)
: De Valstrik
Volgnummer
: 10
Tekenaar
: Jean-Charles Kraehn
Schrijver
: Jean-Charles Kraehn
I.S.B.N.
: 978-9088-10434-3
Eerste druk
: juni 2013
Uitgeverij
: Daedalus
Orig. Titel
: Jeu du dupe
In het vorige verhaal werd er kennis gemaakt met de hi-society van Frankrijk via de familie de Rochard-Haumont en vooral dan haar erfgename Diane. Na de aanslag op haar vader en broer werd Diane ervan verdacht mee in het complot te zitten om zo het fortuin van de holding GRH in handen te krijgen. Wanneer haar ex-vriendje wordt vermoord lijkt deze theorie nog aan kracht te winnen. Of toch niet?

Kapitein Pellat van de Franse recherche is niet overtuigd. Hij vindt dat de puzzelstukjes wat té makkelijk in elkaar vallen en is bijna zeker dat Diane het slachtoffer is van een samenzwering. Hij vraagt aan Gil om Maud Ariane, een agente van zijn dienst, in dienst te nemen om zo een oogje in het zeil te kunnen houden op eventuele verdachten. In eerste instantie wordt dan ook gedacht aan Baudoin en Thècle, het neef en nicht van Diane; vooral wanneer er foto's en geluidsopnamen opduiken waarbij deze familieleden wel heel verdacht overkomen. Gil gaat akkoord en de val wordt gespannen.

Ondertussen jagen de moordenaars van vader en zoon de Rochard-Haumant op één van de lijfwachten van Diane. Hij beschikt over de informatie die de jonge erfgename van alles zou vrijpleiten maar hiervoor moet hij eerst levend bij niet-corrupte politieagenten geraken. Terwijl de bodygard met de hulp van Mariska, een jongedame van lichte zeden, uit de greep van zijn achtervolgers weet te blijven, wordt Gil ontboden op het Elysée, het presidentieel paleis van Frankrijk.

In het Elysée, ontmoet hij Blanc-Froquart, Presidentieel adviseur voor Afrikaanse zaken. De man vraagt Gil om het bio-brandstoffencontract met Malaki-Masso niet te ondertekenen omdat sinds de moord op president Bassa er een nieuwe wind waait. De nieuwe sterke man wil niet van dit contract weten en Frankrijk wil de natuurlijke rijkdommen van het land exploiteren. Blanc-Froquart wil dat Gil met rebellenleider Jean-Baptiste Doundé gaat praten omdat de directeur van een grootmacht als GRH meer indruk maakt en misschien kan Gil ervoor zorgen dat de rijke grondstoffen richting Frankrijk komen. Principieel als hij is, stuurt Gil de man wandelen maar hij zal even later hetzelfde voorstel krijgen van de Franse geheime dienst.

De DGSE heeft immers de bodygard kunnen vatten en hij heeft hen de werkelijke feiten voorgelegd. De moord op de ex-vriend van Diane was opgezet spel en door een dubbelganger uitgevoerd met medewerking van haar andere bodygard. Gil stemt nu wel toe om met Baudoin en Thècle naar Afrika te reizen, maar hij weet niet dat de DGSE en Blanc-Foquard onder één hoedje spelen. Ze willen twee vliegen in één slag slaan. Zich ontdoen van de neef en nicht en zo GRH veilig stellen en de rebellenleider van de moord beschuldigen waardoor de democratische opvolger van president Bassa het presidentschap kan opeisen. Dat Gil hiervoor dient opgeofferd te worden is bijzaak voor de geheime dienst. Alvorens samen met de Baudoin en Thécle naar Afrika te trekken moet Gil nog eerst in een andere val lopen. Maar dat lezen we in het vervolg op dit verhaal.