Titel (NL)
: Alex de onversaagde
Volgnummer
: 1
Tekenaar
: Jacques Martin
Schrijver
: Jacques Martin
I.S.B.N.
: 9030-33002-3
Eerste druk
: 1956
Uitgeverij
: Uitgeverij Casterman
Orig. Titel
: Alex l'intrépide
In het eerste deel van deze historische reeks, maken we voor het eerst kennis met Alex. De jonge Galliër werd reeds op jonge leeftijd een leven als slaaf toebeeld maar hier zou al even snel verandering in komen. Het verhaal begint wanneer Generaal Flavius Marsalla na een lang beleg, de stad Khorsabad inneemt ten nadele van de Parthen. Alex pleegt per ongeluk een aanslag op de generaal, en wordt hiervoor gevangen genomen door de Romeinen. Wanneer deze echter vernemen dat het Romeinse hoofdleger werd verslagen en dat de Parthen terug oprukken naar Khorsabad, wordt Alex geboeid achtergelaten waarna hij gevonden wordt door Surena, een aanvoerder van de Parthen. Surena denkt dat Alex hem op het spoor kan zetten van de vluchtende Romeinen. Alex kan en wil dit echter niet doen en wordt voor zijn eerlijkheid en moed met de vrijheid beloond.

Tijdens zijn tocht naar betere oorden, stoot Alex op enkele verdwaalde Romeinse soldaten die een plaatselijk gezin terroriseren. Hij aarzelt geen ogenblik en gaat de strijd aan met de Romeinen. Twee soldaten gaan onmiddelijk op de vlucht, maar de derde, Brutus, een officier bindt de strijd aan met Alex. Alex komt dankzij de hulp van de boer als overwinnaar uit de strijd, maar Brutus zweert dat hij het Alex zou betaald zetten. Onze held zet zijn reis verder maar als de nacht valt, wordt hij aangevallen door wolven. Hij valt van zijn paard, en zou door de wolven verscheurd worden, als hij niet door een groep Haïkanen zou gered zijn. Toraya, een reus van een kerel stelt zich op als beschermengel van Alex, en wordt hiervoor uit zijn dorp verbannen. Samen gaan ze op pad en worden wat later door een groep Romeinse huurlingen naar de havenstad Trebizonde gebracht, waar ze voorgeleid worden voor de landvoogd Quintus Arenus.
Tijdens het onderhoud met de landvoogd komt Brutus toevallig binnen en beschuldigd Alex van verraad. De Galliër weerlegt de beschuldiging van Brutus waarop deze laatste zijn dolk trekt en naar Alex toeloopt. Hierop komt Arbacès, de Griekse koopman tussenbeide, hij vraagt de landvoogt om Alex en Toraya aan hem over te dragen. Als de landvoogt hiermee akkoord gaat, moet Brutus, woedender als tevoren, afdruipen. De Centurion vertelt alles aan Generaal Marsalla, die eveneens nog een rekening met Alex te vereffenen heeft, en wanneer ze Alex, Toraya en Arbacès zien inschepen naar Rhodos ontwikkelen ze een duivels plan om zich te wreken.

Eénmaal in Rhodos aangekomen nemen de twee vrienden hun intrek in het huis van Arbacès, die ze ondertussen minder en minder zijn gaan vertrouwen. Ze nemen dan ook geen risico's en tijdens de eerste kans die ze krijgen, gaan ze ervandoor. Tijdens hun vlucht stoten ze op de soldaten van de plaatselijke gouverneur. Er onstaat een handgemeen tussen Alex, zijn vriend en de soldaten. Door de overmacht van de soldaten zijn beide mannen al snel overmeesterd en naar Gouverneur Honorus Galla gebracht. Daar doet Alex zijn verhaal zodat de waarheid eindelijk aan het licht komt. De gouverneur laat Arbacès en de Romeinen arresteren, maar de vogels waren al vliegen.

De gouverneur en Alex gaan naar Rome, waar hij weer als bij toeval op Brutus stoot. Als Brutus hoort dat de Gouverneur Alex heeft geadopteerd, plannen ze een aanslag op Honorus Galla en tijdens de nacht slaan ze toe. Tijdens de achtervolging op de moordenaars loopt Alex in op een geheimzinnige vrouw die hem verteld dat Brutus achter de aanslag zit. Ze vraagt hem op zich te wreken op de Romein door deel te nemen aan de paardenrace de volgende ochtend. Brutus zou namelijk deelnemen om de kleuren van Generaal Marsalla te verdedigen, en ze hebben hun volledig fortuin op de afloop ingezet. Een overwinning van Alex zou het einde van Brutus en Marsalla betekenen.

Tijdens de race komt Brutus zwaar ten val, maar al snel blijkt dat zijn wagen gesaboteerd is. De beschuldigingen aan het adres van Alex vliegen in het rond en er wordt door Consul Pompeïus beslist dat Brutus en Alex voor hun eer en de overwinning als gladiatoren moeten strijden in de arena. Al snel blijft dat het hele gebeuren één grote doorgestoken kaart blijkt te zijn. Pompeius, Brutus en Marsalla blijken onder hetzelfde hoedje te spelen, en de vrouw die Alex overhaalde om deel te nemen aan de race, blijkt niemand minder dan de doodgewaande Arbacès te zijn. Het ziet er slecht uit voor Alex, maar tijdens de nacht krijgt Alex bezoek van de andere Consul, nl. Julius Caesar die Alex op de hoogte brengt over de politieke toestand van Rome. Het lot van Rome blijkt opeens in de handen van Alex te liggen. Tijdens het gevecht helpen enkele soldaten van Caesar Alex te ontsnappen, maar de troepen van Pompeïus liggen op de loer en hebben Alex al weer snel te pakken. Hij wordt veroordeeld voor spionage en verraad en zal ter dood veroordeeld worden. Enkel Caesar kan hem nog redden en daarvoor doet hij een beroep op Toraya en Rufus, één van zijn persoonlijke vertrouwensmannen. Tijdens de terechtstelling zullen ze toeslaan. Toraya ontzet Alex, terwijl Rufus voor het transport zorgt. Het lukt maar in het tumult dat volgt op de ontsnapping worden zowel Brutus als Marsalla gedood. Toraya wordt dodelijk gewond en Arbacès dreigt om hem te doden als hij geen vrije doortocht krijgt. Alex kan niet anders dan de Griek te laten gaan om Toraya te sparen. Helaas is Alex goede vriend zo zwaar gewond dat hij enkel ogenblikken later toch sterft. Het net rond Arbacès en Pompeïus wordt gesloten, en zowel Alex als Caesar komen als overwinnaar uit de tragedie. Caesar kan nu met een gerust hart ten strijde trekken naar Gallië en vraagt Alex om hem naar diens vaderland te vergezellen.