Op een dag zit Mic Mac Jampudding te vissen aan het meer wanneer hij door drie bandieten wordt overvallen en ontvoerd. Hij moet zich uitkleden en één van de ontvoerders trekt de kleren aan. Met een valse snor lijkt hij als twee druppels water op Jampudding. Met een duidelijke opdracht op zak trekt de bandiet naar het kasteel van zijn alter-ego. Het is dan ook niet te verwonderen dat Jommeke enkele dagen later een telefoontje krijgt van Arabella met de melding dat ze werd buiten gegooid. Daar zit meer achter en dus vertrekken Jommeke en Filiberke naar het verre Schotland om te kijken wat er aan de hand is.
Na een lange wandeling vinden ze een huilende Arabella in de nabijheid van het kasteel. Ze vertelt hoe haar meester is gek geworden en haar buiten zwierde. Jommeke kan het moeilijk geloven en samen trekken ze naar het kasteel zodat Jommeke Mic Mac Jampudding het vuur aan de schenen kan leggen.
Ze kloppen op de deur en de valse Jampudding doet open. Hij is niet onder de indruk van een stel snotneuzen en jaagt iedereen weg. Voor Jommeke is het duidelijk. Ze hebben te maken met een dubbelganger. Maar waarom? En waar is dan de echte Jampudding? Aan Flip om meer te weten te komen. De papegaai vliegt langs een open raam naar binnen en kan zo de conversatie tussen drie mannen overhoren. Ze vertellen niets over hun plannen maar hij hoort wel hoe één van de mannen Jampudding moet eten brengen. Hij leeft dus nog. Via de achterdeur gaat de dubbelganger naar buiten en Flip brengt verslag uit aan zijn vrienden. Ze moeten hem volgen. Vanuit de lucht heeft Flip zijn doel snel gevonden en de dubbelganger leidt hen naar een oud vervallen boerderijtje. Onze vrienden zien dat Jampudding opgesloten is in de kelder en doen alsof ze gewapend zijn. Zo kunnen ze de dubbelganger overmeesteren en op zijn beurt knevelen.
Jampudding is woedend als hij hoort dat er nog twee bandieten in zijn kasteel zitten maar Jommeke kan hem kalmeren. Hij heeft de Schot immers nodig op de bandieten een koekje van eigen deeg te geven. Als Jampudding terug gaat naar het kasteel zullen ze hem voor de dubbelganger houden en misschien kan hij zo achter hun ware bedoelingen komen. Jampudding speelt het spel maar komt niets te weten. Dan trekken de twee andere bandieten voor een inspectietocht langs het duivelsmeer. Flip die alles vanop afstand heeft gevolgd brengt wederom verslag uit aan Jommeke. Nu kunnen ze terug het kasteel innemen terwijl Flip de twee mannen volgt. Niet veel later verdwijnen die in het struikgewas en als Flip daalt vindt hij een stalen deur en een grot die afgesloten is met een sterke poort. Hij kan niet ander dan in een boom gaan zitten en wachten tot er iets gebeurd. Helaas is dat niet wat hij verwachtte. Hij ziet hoe de dubbelganger is kunnen ontsnappen en op de stalen deur begint te bonken. Als zijn mededader de deur opent vertelt hij hoe hij werd overmeesterd door Arabela en een stel knapen. De bandieten hebben geen schrik en gaan terug naar het kasteel maar Flip is al onderweg om zijn vrienden in te lichten en hen de tijd te geven om te ontsnappen.
Via een geheime gang kunnen ze wegvluchten. Jampudding weet dat de tunnel tot aan het duivelsmeer loopt maar weet niet precies waar hij stopt. Als ze aan het einde komen wordt dit snel duidelijk. Ze komen uit in een enorme grot maar aan de andere kant van de stalen poort. De grot staat onder water en in het midden ligt een monster waar ze voorheen reeds mee te maken kregen (lees: Het monster uit de diepte). Het monster slaapt en als ze wat verder een geweer met verdovingspijlen vinden begrijpt Jommeke het. De drie bandieten houden het monster hier gevangen en laten het slapen om hun eigen veiligheid te garanderen. Hij kegelt het geweer met de pijlen in het water maar op het moment dat ze de politie willen verwitten staan ze oog in oog met de drie boeven die bovendien gewapend zijn. De boeven zijn terug meester van de situatie maar dan wordt het monster plots wakker en nu er geen verdoving meer is zal het zeker aanvallen. De boeven zetten het op een lopen en het monster keert zich dan tegen onze vrienden maar Jommeke die heldhaftig het dier toespreekt wordt herkend. Ze zijn gered. Jommeke belt Professor Gobelijk om het dier met zijn Plastieken walvis terug naar de Filipijen te brengen waardoor het monster voor een tweede keer wordt gered.